5. Hoe werkt elektrotherapie?
Het principe van elektrotherapie is dat de zenuwvezels worden gestimuleerd door middel van elektrische impulsen die door
elektroden worden uitgezonden. De elektrische pulsen voor de NMES die door de Empi Phoenix-stimulatoren worden
gegenereerd, zijn pulsen van hoge kwaliteit die klinisch zijn getest en veilig, comfortabel en efficiënt zijn. Deze elektrische
pulsen bieden de volgende mogelijkheden:
• Het stimuleren van de motorische punten van doelspieren, waardoor een spiersamentrekking ontstaat. Hierdoor
kunnen de spieren opnieuw worden geactiveerd en versterkt, bijvoorbeeld na een letsel of operatie. Dit wordt
neuromusculaire elektrische stimulatie (NMES) genoemd. De Empi Phoenix-programma's P1 en P2 zijn NMES-
programma's.
• Pijnbeheersing. De elektrische pulsen blokkeren het pijnsignaal dat door het getroffen gebied op de zenuwbanen
wordt verstuurd. Dit wordt de "Gate theory" van de pijnbeheersing genoemd. Deze vorm van elektrotherapie
wordt transcutane elektrische zenuwstimulatie (TENS) genoemd. Het Empi Phoenix-programma P3 is een TENS-
programma.
• Verhogen van de lokale bloedcirculatie, waardoor zwelling of oedeem wordt verminderd. De elektrische stroom kan
de verplaatsing van vocht door weefsel beïnvloeden en een verhoogde bloedcirculatie kan het genezingsproces
verbeteren. Deze therapie kan met een gepulseerde gelijkstroom worden bereikt. Het Empi Phoenix-programma P4
is een programmamet gepulseerde gelijkstroom.
Tijdens vrijwillige activiteit verstuurt het brein een opdracht om te bewegen naar de zenuwen in de vorm van een elektrisch
signaal. Dit signaal wordt vervolgens doorgestuurd naar de spiervezels, die gaan samentrekken. Het principe van
elektrotherapie wedijvert met het proces dat tijdens een willekeurige samentrekking wordt waargenomen. Met andere
woorden, de spier kan geen onderscheid maken tussen een opdracht van het brein of die van de stimulator. De parameters
van de Empi Phoenix-programma's (aantal pulsen per seconde, contractietijd, rusttijd, totale programmatijd) onderwerpen de
spieren aan verschillende soorten werk.
Er kunnen in feite verschillende soorten spiervezels worden onderscheiden op basis van hun respectieve
contractiesnelheden: langzame, gemiddeld snelle en snelle vezels. Snelle vezels overheersen bij sprinters, terwijl een
marathonloper meer langzame vezels heeft. Aan de hand van een goede kennis van de menselijke fysiologie en een goed
ontworpen stimulatieprogramma, kan spierkracht zeer precies op een bepaald doel worden gericht (re-educatie van spieren,
relaxatie van spierspasmen, pijnbeheersing, verhoogde bloedcirculatie, handhaven of vergroten van het bewegingsbereik,
enz.).
Phoenix User's Manual
Elektrisch puls
Prikkeling
Motorische
zenuw
Gestimuleerde
spier
Elementaire mechanische respons - Spierschok
Overdracht
van de prikkel
211