Ambu aScope 4 RhinoLaryngo Intervention Instrucciones De Uso página 137

Ocultar thumbs Ver también para aScope 4 RhinoLaryngo Intervention:
Tabla de contenido
Idiomas disponibles
  • ES

Idiomas disponibles

  • ESPAÑOL, página 52
De endoscoop inbrengen 7a
Om te zorgen voor zo min mogelijk wrijving bij het inbrengen van de endoscoop, kan er op het
inbrengsnoer een glijmiddel van medische kwaliteit worden aangebracht. Als de beelden van de
endoscoop onduidelijk worden, moet de tip worden gereinigd. Als de endoscoop oraal wordt ingebracht,
raden wij u aan een mondstuk te gebruiken om te voorkomen dat de endoscoop beschadigd raakt.
Vloeistoffen inbrengen 7b
Steek een spuit in het werkkanaal boven aan de endoscoop om vloeistoffen te injecteren. Als er
een Luer Lock-injectiespuit wordt gebruikt, moet het meegeleverde inbrengapparaat worden
gebruikt. Breng de spuit volledig in de ingang van het werkkanaal of het inbrengapparaat in en
druk op de zuiger om vloeistof te injecteren. Zorg dat u hierbij geen afzuiging toepast, want
dan worden de geïnjecteerde vloeistoffen het afzuigopvangsysteem in geleid. Spoel het kanaal
door met 2 ml lucht zodat alle vloeistof uit het kanaal komt.
Afzuiging 7c
Als op de afzuigconnector een afzuigsysteem wordt aangesloten, kan afzuiging worden
toegepast door de afzuigknop met uw wijsvinger in te drukken. Als het inbrengapparaat en/of
een endoscopisch accessoire in het werkkanaal wordt geplaatst, neemt de afzuigcapaciteit af.
Voor een optimale afzuigcapaciteit wordt aanbevolen om gedurende afzuiging het
inbrengapparaat of de injectiespuit volledig te verwijderen.
Endoscopische accessoires inbrengen 7d
Zorg altijd dat u de juiste maat kiest voor endoscopische accessoires voor de endoscoop
(zie paragraaf 5.2). Controleer het endoscopische accessoire voordat u het gebruikt. Vervang
het als het een afwijkende werking vertoont of er anders uitziet. Breng het endoscopische
accessoire in de ingang van het werkkanaal in en voer het voorzichtig op door het werkkanaal,
totdat het op het livebeeld op de monitor te zien is. Het meegeleverde inbrengapparaat kan
worden gebruikt om het inbrengen van zachte accessoires te vergemakkelijken.
De endoscoop terugtrekken 8
Verzeker u ervan dat de hendel in de neutrale stand staat wanneer u de endoscoop terughaalt.
Trek de endoscoop langzaam terug terwijl u naar het livebeeld op de monitor kijkt.
4.5. Na gebruik
Visuele controle 9
Onderzoek de endoscoop op tekenen van beschadiging van het buigstuk, de lens of het
inbrengsnoer. Als op grond van het onderzoek corrigerende maatregelen nodig zijn, voert u
deze uit in overeenstemming met de plaatselijke ziekenhuisprocedures.
Laatste stappen 10
Koppel de endoscoop los van de Ambu-monitor en voer de endoscoop af conform de
plaatselijke richtlijnen voor de afvalinzameling van verontreinigde medische hulpmiddelen
met elektronische onderdelen.
5. Technische productspecificaties
5.1. Toegepaste normen
De werking van de endoscoop voldoet aan:
– IEC 60601-1: Medische elektrische toestellen – Deel 1: Algemene eisen voor basisveiligheid
en essentiële prestaties.
– IEC 60601-1-2: Medische elektrische toestellen – Deel 1-2: Algemene eisen voor de veiligheid en
essentiële prestatie – Secundaire norm: Elektromagnetische compatibiliteit – Eisen en beproevingen.
– IEC 60601-2-18: Medische elektrische toestellen – Deel 2-18: Bijzondere eisen voor de
veiligheid en essentiële prestatie van endoscopische instrumenten.
– ISO 8600-1: Optiek en optische instrumenten – Medische endoscopen en
endotherapeutische instrumenten – Deel 1: Algemene eisen.
– ISO 10993-1: Biologische evaluatie van medische hulpmiddelen – Deel 1: Evaluatie en
beproeving binnen een risicomanagementproces.
– ISO 594-1: Conische fittingen met een 6% (Luer) conus voor injectiespuiten, -naalden en
bepaalde andere medische toestellen – Deel 1: Algemene eisen.
137
Tabla de contenido
loading

Este manual también es adecuado para:

512001000

Tabla de contenido