•
lIchAAmSOnDeRSTeUnIng: Een volledig tuig moet worden gebruikt met het Cabloc systeem. Het tuig moet een
verbinding aan de voorkant hebben voor frontale valstop bij het beklimmen van ladders. Het verbindingspunt van het tuig
moet boven het zwaartepunt van de gebruiker liggen. Een positioneringsgordel is niet toegelaten voor gebruik met het Cabloc
systeem. Als een val plaatsvindt met een lichaamsgordel kan deze onbedoeld losschieten en mogelijk verstikking veroorzaken
door onjuiste lichaamsondersteuning. Vervangingen van uitrusting of componenten van het systeem moeten niet worden
gedaan zonder schriftelijke toestemming van Capital Safety.
•
cABlOc lOpeR: Er moet toegang zijn tot het systeem vanuit een veilige positie. Indien nodig moet de gebruiker andere
veiligheidsuitrusting, zoals een tweelinglijn of een toegangsplatform gebruiken, om veilige toegang tot het veiligheidssysteem
te krijgen. Het systeem moet altijd zo zijn gepositioneerd dat zowel de mogelijkheid tot vallen als de mogelijke valafstand
worden geminimaliseerd. De Cabloc loper moet alleen worden gebruikt met een Cabloc systeem. Sluit nooit meer
verbindingen of lijnen aan die de valafstand vergroten.
•
InSTAllATIe: Pagina 1 illustreert twee kenmerkende systeeminstallaties. Levens zijn in gevaar als het systeem niet
correct wordt geïnstalleerd. Zorg ervoor dat u toegang heeft tot alle nodige tools en informatie om het product succesvol te
installeren. Plan de installatie zo dat er zo min mogelijk op hoogte hoeft te worden gewerkt en de veiligheid maximaal is.
cOmpOnenTen: Pagina 1 en de erop volgende onderdelentabellen illustreren de beschikbare componenten die worden
•
gebruikt voor het construeren van het Cabloc systeem. De gebruikte componenten variëren per specifieke toepassing.
•
VeReISTe TORSIe VOOR BeVeSTIgIngSmATeRIAAl: Bij het installeren van het Cabloc systeem moet het
bevestigingsmateriaal worden vastgedraaid tot de torsiewaarden die zijn aangegeven in de betreffende onderdelentabel.
WaarschuWing: Ga zeer voorzichtig te werk bij het installeren van het Cabloc systeem. Draag persoonlijke bescherming,
waaronder een veiligheidsbril en schoenen met stalen neuzen. Gebruik altijd een valstopsysteem dat bestaat uit een volledig tuig
en een valstopapparaat (Self-Retracting Lifeline, SRL) of schokdempende lijn, bij het werken op hoogte. Het valstopsysteem moet
worden verbonden met de juiste verankering. Verbind het valstopsysteem NIET aan het gedeeltelijk geïnstalleerde Cabloc systeem.
Ga zorgvuldig te werk in de buurt van stroomkabels, het Cabloc systeem geleidt stroom.
Pagina 1 illustreert de installatie van de Cabloc verticale systeemcomponenten. Hoewel de componenten kunnen wisselen, zijn
de installatieprocedures voor het Cabloc systeem vergelijkbaar voor alle toepassingen. Wanneer u een Cabloc systeem installeert,
wordt aanbevolen bij het installeren bovenaan de constructie te beginnen. De basisstappen voor het installeren van het Cabloc
systeem zijn de volgende:
Stap 1.
positioneer en monteer de bovenste verankering (Top Anchor, TA): Installeer de bovenste verankering op de ladder.
Stap 2.
Bevestig de kabel: Lus het kabeleind met het touwoog door de sluiting en bevestig het aan de bovenste verankering
met de pen van de sluiting zoals afgebeeld. Let op: als u tussenbeugels gebruikt (6191002/ 61910), is het aan te raden
om ze alvast over kabel te schuiven en ze op hun plaats te houden met een kabel-/lijnklem voordat u het bovenste
uiteinde van de kabel aan de bovenste verankering bevestigt. Op die manier kunt u ze aan de ladder bevestigen bij het
naar beneden klimmen.
Stap 3.
Bevestig de tussenbeugels (cg/IB): Installeer de kabelgeleider of beugels aan de sport van de ladder.
Stap 4.
Installeer de onderste verankering (bottom anchor, BA): Installeer de onderste verankering van het systeem
Steek de onderste bevestigingsring door de onderste verankering, plaats het touwoog aan de ring en lus de kabel er
doorheen. Bevestig dan de kabelklem om de kabel op zijn plaats te houden. Draai de moer aan totdat groef doorkomt,
wat aangeeft dat de spanning is bereikt. Plaats een kabelbeschermer om de installatie af te ronden.
Stap 5.
(Optioneel) Zeskants felsspijker: Als er een spijker wordt gebruikt aan de onderkant van het systeem, fels de
spijker dan zeskantig en plaats hem in de onderste verankering (neem contact op met Capital Safety voor zeskants
felsgereedschap en specificaties). Draai de moer aan met 12mm en 19mm steeksleutels tot de groef doorkomt wat
aangeeft dat de spanning is bereikt. Plaats een kabelbeschermer om de installatie af te ronden.
Stap 6.
(Optioneel) Installeer een universele verankering: De universele beugel kan zowel boven als onder aan het systeem
worden geïnstalleerd. Bevestig de spanner zoals aangegeven en lus de kabel door. Bevestig dan de kabelklem om de
kabel op zijn plaats te houden. Draai de draaigesp om de kabel te spannen tot de spanningsindicator vrij draait, wat
aangeeft dat de juiste spanning is bereikt. Plaats een kabelbeschermer om de installatie af te ronden.
55