53
6.2
Zaagselafzuigsysteem
A
Gevaar!
Sommige soorten zaagsel (bijvoor-
beeld van beuken-, eiken- en essen-
hout) kunnen bij inademing kanker-
verwekkend zijn. Werkzaamheden in
gesloten ruimten mogen alleen met
een geschikte zaagselafzuiginstallatie
uitgevoerd worden. De zaagselafzuig-
installatie moet voldoen aan de vol-
gende eisen:
Passend tot de doorsnede van de
afzuigstukken (spankap 38 mm;
beschermkast 58/43 mm);
3
luchtdebiet
460 m
onderdruk aan de afzuigstomp
van de zaag
530 Pa;
luchtsnelheid aan de afzuigstomp
van de zaag
20 m/ s.
De aanzuigstompen voor de afvoer van
het zaagsel bevinden zich op het frame
van de cirkelzaag en op de zaagbladbe-
schermkast.
Lees ook de handleiding voor de bedie-
ning van het zaagselafzuigsysteem!
Het werken zonder afzuigsysteem is
alleen toegestaan:
buiten;
bij kortstondig werken
(gedurende max. 30 minuten);
met stofmasker.
A
Gevaar!
Door de draaibeweging van het zaag-
blad worden de zaagspanen uit de
zaagblad-beschermkast geblazen.
A
Opgelet!
Het aansluitstuk mag niet door voor-
werpen zijn dichtgesteld.
6.3
Netaansluiting
B
Gevaar! Elektrische spanning
Gebruik het apparaat uitsluitend
in een droge omgeving.
Het apparaat mag uitsluitend wor-
den aangesloten op een stopcon-
tact dat aan de hierna volgende
voorwaarden voldoet (zie ook
54
„Technische gegevens):
De stopcontacten moeten
55
netspanning en -frequentie
de stroomkring dient vakkun-
Systeemimpedantie Z
3
tromonteur vertellen u graag of uw
huisaansluiting aan deze bepalingen
voldoet.
Het snoer moet zo gelegd worden
dat het zaagwerkzaamheden niet
bemoeilijkt worden, en dat het
snoer niet beschadigd kan wor-
/h;
den.
Het snoer moet beschermd wor-
den tegen hitte en bijtende schei-
kundige vloeistoffen, en zorg dat
het snoer niet beschadigd kan
worden door scherpe voorwer-
pen.
Gebruik als verlengkabel alleen
kabels met rubbermantel en vol-
doende grote diameter (zie "Tech-
nische gegevens").
Trek de stekker niet aan het snoer
uit het stopcontact.
7. Bediening
A
Dit toestel mag uitsluitend door
één persoon tegelijk worden
bediend. Verdere personen
mogen slechts voor het toevoe-
ren of verwijderen van werkstuk-
ken ver van het toestel vandaan
verblijven.
Controleer of alles goed functio-
neert alvorens met de zaagwerk-
zaamheden te beginnen:
netsnoer en netstekker;
hoofdschakelaar;
spouwmes;
beschermkap;
duwhout.
Zorg ervoor dat u zichzelf ook
beschermt:
draag een stofmasker;
reglementair geïnstalleerd zijn
en een goedgekeurde aarding
hebben.
moeten overeenstemmen met
de waarden op het typeplaatje
van het apparaat;
dig beveiligd te worden met
een differentieelschakelaar die
aanslaat bij een lekstroom van
30 mA,
max.
het doorgeefpunt (huisaanslui-
ting) ten hoogste 0,35 ohm.
Aanwijzing:
Het energiebedrijf of uw elek-
Gevaar!
NEDERLANDS
draag oorbeschermers;
draag een veiligheidsbril.
Let steeds op een juiste houding
en plaats tijdens het zagen:
neem plaats aan de voorkant
van de afkortzaag;
frontaal t.o.v. het toestel;
links van het opstuivende
zaagsel;
Bij bediening met twee perso-
nen moet de tweede persoon
op voldoende afstand van de
zaag staan.
Naargelang het soort werk dat u
verricht, gebruikt u:
tafelverlenging (toebehoren) –
aan
wanneer werkstukken na het
doorsnijden van de tafel zou-
den kunnen vallen;
schuifslede (accessoire);
klemmechanisme – bij werk-
stukken die niet vastliggen –
bijvoorbeeld ronde materialen;
een schaafselafzuigsysteem.
Vermijd frequente bedieningsfou-
ten:
Probeer nooit het zaagblad af
te remmen door er van de zij-
kant (met een voorwerp) tegen-
aan te drukken. Ook hier
bestaat gevaar voor terugslag.
Druk het werkstuk tijdens het
zagen steeds op de tafel en
plaats het nooit op zijn kant.
Ook hier bestaat gevaar voor
terugslag.
Ook geen bundels met ver-
schillende aparte stukken tege-
lijk – zaag nooit verschillende
stukken . Er is gevaar voor
lichamelijk letsel als aparte
stukken zonder steun door het
zaagblad worden gegrepen.
Bij gebruik als trekzaagma-
chine controleert u bij stil-
staand zaagblad of het werk-
stuk volledig doorgezaagd kan
worden zonder in het gelei-
dingsprofiel te grijpen, alvo-
rens de zaagsnede te maken.
c
Klemgevaar!
Zaag nooit werkstukken die tou-
wen, snoeren, riemen of draden
hangen of dergelijke materialen
bevatten.
7.1
Tafelcirkelzaag
3
Opmerking:
bij het bedrijf als tafelcirkelzaag
wordt het werkstuk voor het zagen naar
achteren geschoven.
9